Ribollita

Hier heb ik even wat naslagwerk voor moeten doen op internet. Een echt antiek gerecht uit Toscane en dateert zelfs uit de middeleeuwen. Het is hét gerecht om restjes in te verwerken. In de middeleeuwen aten de edellieden de beste stukken van het brood. De resten die overbleven werden door de bedienden direct verwerkt in een stevige soep/stoofpot met de groenten van de armen. Dit gerecht werd vaak meteen gemaakt en pas de dag of twee dagen erna gegeten. En daar komt ook weer de naam vandaan: ribollita betekent opnieuw gekookt. Dus lekker laten staan en de volgende dag pas weer opwarmen. En ik kan je zeggen dat de smaak er echt fantastisch door wordt. Oorspronkelijk is het echt een wintergerecht en wordt het gemaakt met cavolo nero (palmkool), maar ook in de zomer kun je het prima maken met andere bladgroenten. Denk aan raapsteeltjes, snijbiet, savooiekool, spinazie (doe de spinazie er dan wel pas erdoor op het moment dat je het gaat eten en warm de spinazie niet elke keer opnieuw op). nog een tip: gebruik echt droge witte bonen die je een nacht laat weken. De smaak is zoveel anders dan de witte bonen uit pot of blik. Die zijn veel zachter en meliger en vallen uit elkaar als je ze kookt.

Wat heb je nodig?

Ik ga hier uit van een pan voor ca 3-4 personen.

  • 200 gr droge witte bonen (cannellini)
  • 2 wortels
  • 1-2 stengels bleekselderij
  • 1 rode ui
  • 1 grote aardappel
  • 1 blikje gepelde tomaten of tomatenblokjes
  • teentje knoflook
  • rozemarijn
  • bladgroente (van alles ongeveer 100 gr). Hieronder wat ik gebruik, maar je kunt hier eindeloos in variëren, afhankelijk van het seizoen waarin je het maakt.
  • cavolo nero (palmkool)
  • snijbiet
  • savooiekool
  • erbette (verschillende bladgroente)
  • grof oud brood (dus geen slap casinowit, maar rustiek brood. Korsten mag ook

Hoe begin je eraan?

stap 1: de dag ervoor

Week de witte bonen in ruim water. Laat deze de hele nacht, of het liefst 24 uur staan. Doe ze daarna in een vergiet en spoel ze af.

stap 2: de basisbouillon

Met de witte bonen die geweekt zijn gaan we nu een basisbouillon maken. Doe in een pan een scheutje olijfolie en doe daar een teentje look in. voeg wat fijngesneden zachte naaldjes van de rozemarijn toe. Doe de geweekte witte bonen erbij. Voeg 1-1,5 liter water toe. Voeg per en een klein beetje zout toe (kan later altijd nog meer) Laat een uurtje koken. Als de bonen zijn gekookt, dan haal je ongeveer de helft eruit en hou je apart. De rest pureer je als een witte bouillon.

stap 3: de groente

Snij het uitje, de wortel en de bleekselderij heel fijn en fruit dit aan in een grote pan. Laat op een zacht vuurtje zacht worden (niet bruin!). Snij de aardappel in kleine stukjes en voeg ook toe. Voeg de tomaten uit blik en de witte bonen bouillon toe. Voeg eventueel nog wat water toe. Kruid nu goed af met peper en zout.

Snij de bladgroente in grove stukken en voeg deze ook toe. Laat nog even 45 minuutjes pruttelen. Als je bladgroente hebt zoals spinazie, doe die er dan elke keer pas bij als je het gaat eten. Telkens opnieuw opwarmen is voor spinazie geen goed idee. Doe ook de achtergehouden witte bonen er terug bij.

stap 4: het brood en het wachten…

Snij het brood in grove stukken en leg in een grote kom of pan. Doe hierover een paar scheppen van de soep. Leg daarover weer wat stukken brood en sluit weer af met de soep. Zet het op deze manier minimaal een nacht in de koelkast. Het brood zal veel vocht absorberen waardoor het een vrij stevige en vaste soep wordt.

De volgende dag lekker opwarmen en smullen maar!! Door het laten staan zijn de smaken nu optimaal gemengd.

Omdat de tijd van wachten vrij lang is, kun je makkelijk een grote pan maken en de rest invriezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.